Een AI-bot aan de bestuurstafel? Als ‘ie zich maar gedeisd houdt.

Article
4
min
Dries van der Vossen - Partner bij De Bestuurskamer

AI krijgt een stoel aan de bestuurstafel. Echt waar – bij de Lloyds Bank in Londen zelfs. Dat als eerbiedwaardig en zelfs klassiek bekendstaande instituut introduceerde april dit jaar een AI-‘board bot’ als volwaardig bestuurslid. The Times schreef over die virtuele bestuurder – de eerste in een miljardenbedrijf dat aan de Londense beurs genoteerd staat. Bedoeld, las ik, ‘om de besluitvorming op het hoogste niveau te ondersteunen en te verbeteren’, ‘menselijke vooroordelen te verminderen in strategische beslissingen’ en ‘eerlijkheid in financiële besluitvorming te bevorderen’. Nu nog een exotisch bericht in de pers, ongetwijfeld gemeengoed over een jaar of twee.

Wat is de toegevoegde waarde van zo’n algoritmische black box in de boardroom nou precies – en hoe verhoudt deze waarde zich tot het toezicht op de bestuurders door mensen van vlees en bloed? 

Een van de meest bepalende governance-beslissingen van een toezichthouder is het benoemen van bestuurders. Daarbij gaat het om inclusief en maatschappelijk verantwoord leiderschap, om het samenstellen van een groep mensen met elk een eigen schat aan ervaring en met gedeelde morele en maatschappelijke waarden. En ja, het is inmiddels mogelijk om daarover te communiceren met bots. En natuurlijk, die filteren waarschijnlijk ‘menselijke vooroordelen’ uit het besluitvormingsproces – even los van de vraag wat zo’n ‘vooroordeel’ dan precies inhoudt. 

Maar er is ook zoiets als het dragen van morele verantwoordelijkheid voor je beslissingen – ook de minder geslaagde. Zoiets als loyaliteit aan je mensen en aan het bedrijf – kun je die zaken werkelijk delegeren aan een black box? Hoe regel je bovendien de juridische aansprakelijkheid, fiducaire en financiële verantwoordelijkheid voor genomen besluiten?  

Toezichthouders kunnen zich bij hun research uiteraard laven aan de ongelooflijke diepte en rijkdom en snelheid van AI. De opbrengsten kunnen ze gebruiken bij besluitvorming over richting en strategie. Daar is veel winst te behalen. De beste boards waarderen inhoudelijke diversiteit. Inclusief allerlei meningen, óók afwijkende meningen, óók meningen die op het eerste gezicht onredelijk of onvoldragen lijken, die vragen om een menselijke uitleg – meningen die ondanks hun ongepolijste vorm kunnen bijdragen aan een algemeen gedragen oordeel. Kunstmatige intelligentie kan prima zo’n ‘andere mening’ opleveren, of een onderbouwing voor zo’n mening.

Maar bestuurders baseren hun beslissingen uiteindelijk op menselijke principes. Dat kun je denk ik niet overlaten aan algoritmische rekenkracht. 

Wat zijn dan die menselijke principes waarvan ik beweer dat die onvervangbaar zijn door robots? Dat kan ik het best uitleggen aan de hand van een wat ongemakkelijke observatie van deze inmiddels toch wat ouder wordende bestuurder en toezichthouder. 

Jongere generaties zetten, merk ik, kunstmatige intelligentie in als vervanger voor bloed, zweet en tranen. Een beetje zo: “Ik vroeg het aan ChatGPT, en die leverde me een mooi werkstuk. Uiteraard heb ik de goede prompts ingegeven en jazeker, ik heb ook nog eindredactie gepleegd. Fluitje van een cent.” 

Maar als gepassioneerde wielrenner en duursporter heb ik geleerd: voorbereiding is alles. Leren van ervaringen. Discipline zoeken, vinden en vasthouden. Grenzen in jezelf vinden en verleggen om tot een goed resultaat te komen. Afzien als het moet. Allemaal essentiële bouwstenen voor persoonlijke ontwikkeling – loutering die de basis levert voor oordeelskundigheid. Het bereiken van een doel is waardevol, maar waardevoller is de reis naar dat doel. Inclusief de mislukkingen, sorry: leermomenten. Zonder blauwe plekken kom je nergens. Natuurlijk, ik weet het, een PR is mooi op de meet, maar als ik op mijn wielertochten terugkijk zie ik in een goede eindtijd vooral het resultaat van een lange voorbereiding. 

Anders gezegd: Een vakantie met je gezin. Het blijkt te regenen in Rome, waardoor je de Spaanse Trappen mist en moet schuilen in een cafeetje waar ze de beste espresso blijken te schenken die je ooit dronk. De tocht, kortom, niet het doel. 

Welnu. Generatieve AI maakt het leven gemakkelijk, misschien wel te gemakkelijk – en daardoor leeg. Als je bij een doel kunt aankomen zonder reis, wat is dan het doel nog waard? Een doel direct uit de verpakking, niet gebaseerd op ervaringen, Onderweg wordt het brein getraind, en alleen getrainde breinen leveren menselijke oordelen.

AI kun je als toezichthouder probleemloos gebruiken voor je research – hetgeen je overigens wel dwingt om alles kritisch te lezen wat zo’n bot uitspuugt – maar nooit klakkeloos overnemen voor het nemen van een beslissing.

Zodra je dat wel gaan doen, verlies je wat mij betreft het onderscheidende beoordelingsvermogen dat menselijke geesten kunnen leveren – diepmenselijke energie die gebouwd is op het ‘onderweg zijn’. En daarmee verlies je ook je identiteit als commissaris, als bestuurder.

Dus. Zo’n bot mag in Londen aan tafel zitten, maar dan toch als nijvere en nederige assistent van de mensen die de beslissingen nemen.

 

Dries van der Vossen

The Boardroom

Interlocutor

Article
Text Link